Kleur & textuur met Frédéric Dupré

‘Het eerste waar bloemisten meestal aan denken, is kleur. Maar textuur bepaalt hoe een ontwerp écht wordt ervaren.’ Met die uitspraak zet de Franse floral designer Frédéric Dupré de toon voor zijn vijfdaagse seminar Texture & Color aan het Boerma Instituut. Volgens hem krijgt textuur binnen de bloemsierkunst nog te weinig aandacht, terwijl juist de combinatie van textuur, kleur en licht bepaalt hoe een ontwerp overkomt.

De Franse meesterbloemist Frédéric Dupré staat bekend om zijn bijzondere samenspel van textuur en kleur. Hij verzorgt wereldwijd masterclasses en werd voor zijn vakmanschap onderscheiden met de prestigieuze titel Meilleur Ouvrier de France (MOF). Kenmerkend voor zijn werk zijn het gebruik van onverwachte materialen en zijn grondige kennis van florale compositie.

Die overtuiging vormt de basis van een intensieve vijfdaagse masterclass waarin theorie en praktijk met elkaar werden verbonden. Frédéric ontwikkelde de afgelopen tien jaar een eigen ontwerp­methode, waarin texturen worden onderverdeeld in families en subfamilies. Daardoor kunnen ze niet alleen intuïtief, maar ook heel bewust worden toegepast. ‘Textuur verdient even veel aandacht als vorm, lijn en geometrie’, benadrukt hij. ‘Pas als je begrijpt hoe materialen reageren op licht en hoe verschillende oppervlakken elkaar beïnvloeden, kun je een ontwerp bewust sturen.’

Voor floral designers betekent dat een andere manier van kijken. Niet langer staat de vraag centraal welke materialen mooi combineren, maar waarom ze dat doen. Matte, zijdeglanzende en glanzende oppervlakken reflecteren licht allemaal anders en beïnvloeden daarmee de uitstraling van een materiaal, maar dan zijn er ook nog de subfamilies en die beïnvloeden de emotionele beleving van een ontwerp. Volgens Frédéric zorgt juist die wisselwerking voor een krachtiger eindresultaat.

Geometrisch wandobject
Zo maakte hij een vierkante wanddecoratie met een sterk architectonisch karakter. Omdat het een wandobject betreft, is het tweedimensionaler dan een traditioneel bloemwerk. Dat betekent echter niet dat diepte en gelaagdheid minder belangrijk zijn. Het hoofdmateriaal was hout, dat van nature een matte textuur heeft. Door lak en verf aan te brengen, kreeg het hout een kunstmatige, glanzende textuur. Het ontwerp speelt met contrasten tussen geometrie, herhaling en positieve en negatieve ruimte. De geometrische vierkanten worden bijvoorbeeld herhaald. Daarnaast heeft de Delphinium een driehoekige vorm die terugkomt in het blad van Agave. Beide zijn bovendien ondersteboven verwerkt. De Delphinium wordt van water voorzien via afgesloten buisjes.

De constructie heeft een krachtige, masculiene uitstraling, terwijl de botanische materialen een verfijnd en feminien accent toevoegen. Tradescantia heeft volgens Frédéric een wat nerveuzer karakter en is daarom compacter toegepast. Wie goed kijkt, ziet dat deze gecombineerd is met een cascade van donker zeewier, een materiaal dat hij ook gebruikte voor zijn werk Dutch Coast Line tijdens de World Cup.

Agressieve, glazen vaas
Een ander ontwerp richt zich op het contrast tussen agressieve en zachte texturen. Hiervoor gebruikte Frédéric cactus, gedroogde takken van Poncirus, dopvruchten van verschillende soorten en Phalaenopsis.

Hij laat zien hoe materialen met sterk uiteenlopende oppervlaktekwaliteiten toch harmonieus kunnen worden samengebracht. De Phalaenopsis werkt als een verbindend element: ze koppelt de droge materialen aan het kleurenpalet en brengt leven in de compositie.

Ook de vaas zelf maakt deel uit van het verhaal. De ronde geometrie herhaalt vormen die terugkomen in de botanische materialen. Het oppervlak werd bovendien aangepast door cactusstekels op het glas te lijmen, waardoor het een agressievere uitstraling kreeg.

Transparantie speelt eveneens een belangrijke rol. Het ontwerp bevat verschillende compacte zones binnen een verder luchtige compositie, wat zorgt voor ruimtelijk contrast en elegantie.

Displacement arrangement met kalebas
Een ander belangrijk concept dat tijdens het seminar werd onderzocht, was een Displacement Arrangement. Deze techniek, bekend uit het werk en onderwijs van Gregor Lersch en op gevorderd niveau behandeld binnen de opleiding International Master Florist, interpreteerde Frédéric op geheel eigen wijze. Zijn benadering is architectonischer en legt meer nadruk op textuur.

Voor dit ontwerp gebruikte hij een lange, gedroogde kalebas uit zijn eigen tuin. Het oppervlak krijgt na het drogen een bijzonder interessante uitstraling: organisch, onregelmatig en vol karakter. De textuur van de kalebas sluit daardoor op natuurlijke wijze aan bij de houten basis.

De botanische materialen zijn vervolgens op een meer tuinachtige manier verwerkt. De compositie heeft een rustige, neerwaartse beweging met organische lijnen, vormen en texturen.

Het kleurgebruik bleef zacht, met lichte groentinten en pastelkleuren. Toch voegde de floral designer sterke kleur­accenten toe met Kalanchoe schizophylla, een zeldzaam en bijzonder botanisch materiaal. Juist daarin schuilt een belangrijke subtiliteit: zelfs in een pastelpalet kan een klein beetje levendigheid energie en beweging toevoegen. Het draait allemaal om dosering. Te veel zou de sfeer verstoren; precies genoeg brengt het ontwerp tot leven.

Metallic bruidsboeket
In het bruidsboeket onderzoekt Frédéric een meer kunstmatig gecreëerde textuur, zoals hij het zelf noemt. De inspiratie kwam van de knollen van de Dahlia; de verborgen ortelstructuren onder de bloem.

Met behulp van de bekende spider­web-techniek creëerde hij een constructie die al vóór het toevoegen van bloemen een kunstmatige uitstraling had. Dit gevoel werd vervolgens versterkt door de keuze van de botanische materialen. De Strelitzia vormde het uitgangspunt voor het kleurenpalet en bracht van nature oranje en blauw in het ontwerp. Blauwe parels sluiten hierbij aan, terwijl de overige bloemen een kleurverloop vormen tussen rood en roze.

Frédéric speelt met verschillende intensi­teiten binnen dezelfde kleurfamilie: soms dieper en roder, soms zachter en rozer. Paars, bruin en beige fungeren als verbindende tinten. Veel van de gebruikte materialen hebben een zijde­glanzende textuur, wat de harmonie binnen het textuurgebruik van het boeket versterkt. Ook hier zorgt Kalanchoe schizophylla voor een elegante, organische lijn tussen de meer hoekige, botanische materialen.

Het boeket wordt gepresenteerd op een beschilderde houten plaat in een zachtgroene pasteltint. De kleuren van de ondergrond en het boeket communiceren met elkaar en vormen samen één volledig beeld.

Hangend plantenarrangement
Het laatste werk van het seminar was een groot, hangend plantenontwerp. Voor Frédéric was dit tevens een persoonlijk statement. Voordat hij bloemist werd, werkte hij namelijk als hovenier en tuinarchitect. Plantenarrangementen vormen daarom een belangrijk onderdeel van zijn identiteit als ontwerper en behoren tot zijn favoriete manieren om zich creatief uit te drukken.

Met dit werk wilde hij die kant van zichzelf duidelijk laten zien. Tijdens wedstrijden zijn ontwerpers vaak beperkt door de botanische materialen die beschikbaar worden gesteld. Met name tijdens de World Cup had hij het gevoel dat de variatie in materialen onvoldoende ruimte bood voor volledige creatieve vrijheid. Volgens hem ontbrak er variatie in formaat, vorm en vooral in lijnmaterialen. Zoals Frédéric zelf zegt: ‘Als bloemist kan ik alleen werken met de materialen die beschikbaar zijn. Ik ben geen tovenaar.’

In dit hangende ontwerp had hij de vrijheid om zijn verbondenheid met planten volledig tot uiting te brengen, Frédéric begon zijn carrière namelijk als hovenier. Het werk werd volledig opgebouwd uit organische en biologisch afbreekbare materialen. Daarnaast bevat het veel geüpcyclede constructie-elementen uit eerdere ontwerpen: beklede draad, stukken hout en bewaarde materialen, zoals gedroogde Anthurium veitchii en Heliconia ‘Bloody Mary’, die Mike Boerma had overgehouden aan zijn Nederlands kampioenschapswerk.

Ook bewaart de floral designer regelmatig onderdelen van eerdere ontwerpen om ze later opnieuw te gebruiken. Soms combineert hij zelfs elementen uit verschillende oudere werken tot iets geheel nieuws. Voor hem is dat niet alleen praktisch, maar ook noodzakelijk. Net als iedere creatieve discipline moet de bloemsierkunst rekening houden met duurzaamheid en de planeet.

De draadconstructie herhaalt de vormen van de Heliconia. Lijn, transparantie, symmetrie, herhaling en geometrie spelen ook hier een belangrijke rol. Materialen zoals bromelia’s en gedroogde takken van Cryptomeria kwamen uit Frédérics eigen tuin, waardoor het werk persoonlijk, duurzaam en uniek werd.

Textuur geeft samenhang
In alle ontwerpen kwam steeds hetzelfde uitgangspunt naar voren: textuur is de lijm die een ontwerp samenhang geeft. Het kan een ontwerp volledig transformeren en mag daarom nooit worden onderschat. Door een duidelijke theorie rond textuur en kleur te ontwikkelen, geeft Frédéric bloemisten een nieuwe gereedschapskist voor hun ontwerpen.

De studenten die deelnamen aan het seminar gaven aan dat Frédérics theorie hun manier van denken over ontwerpen volledig heeft veranderd. Deze benadering opent nieuwe mogelijkheden. In plaats van zich alleen af te vragen of materialen mooi bij elkaar passen, leren ze waarom ze werken, hoe ze elkaar beïnvloeden en welk verhaal ze samen vertellen. De vijf dagen waren bijzonder intensief en verdere oefening blijft noodzakelijk, zoals bij alles wat nieuw is. Maar één ding is zeker: de gereedschapskist van de deelnemers is rijkelijk gevuld.

error: Content is protected !!